zondag 10 april 2016

Fietsers wakker worden!

Ik snap het best

Ik snap het best dat reguliere ligfietsen nooit populair zijn geworden. In de stad hebben ze eigenlijk alleen maar nadelen. Buiten de stad (het merendeel van de fietsers is daarmee al afgevallen) kunnen ze voordelen hebben. Sommige modellen zijn zeer comfortabel maar een deel daarvan is weer absurd traag of komt echt een helling niet op. Voor fietsvakanties bestaan er hele fijne modellen. Andere ligfietsen zijn flink snel maar doorgaans zijn die weer weinig comfortabel, eng laag of klimmen slecht. Hier komt nog eens bij dat ligfietsen een serieus imageprobleem hebben. Je bent naar het schijnt al snel een veganistische zuurpruim als je zo'n ding berijdt.

Zeker op een mooie dag als vandaag kom je hordes fietsers tegen die lekker de stad uit willen om alleen of in een groep lekker een flink eind te rijden, liefst in een sportief tempo. Net als ik dus. Mijn RaptoBike 2x28" is een beetje een fiets in de categorie die deze heren (en enkele dame) berijden, maar dan flink sneller, en zelfs heuvel op niet trager. Toch zou ik niet willen er de kost mee te moeten verdienen deze superfiets aan de reguliere weekendrenner te slijten. De bijna horizontale lichaamshouding vormt voor de meesten een te grote drempel.

Ik snap er niets van

Ik snap er niets van dat de renners, de doorgaans 'middle aged men in lycra' (mamils) die net als ik genieten van het sporten, het buiten-zijn, het afleggen van flinke afstanden, liefst met een zo hoog mogelijke snelheid, als het even kan met ook nog wat speelse onderlinge competitie, niet veel vaker kiezen voor een velomobiel. Is het de groepsdruk om te conformeren? Is het de prijs? Is het dat zo'n fiets wat lastiger te stallen is? Ik kan me voorstellen dat dat allemaal meespeelt maar niet in die mate dat een velomobiel toch een zeldzame verschijning is. Mijn Quest is niet een beetje maar echt flink veel sneller dan een racefiets, mijn Quest is ook nog eens comfortabeler, mijn Quest kan bovendien flink wat spullen vervoeren & ik vermoed dat mijn Quest ook nog eens veiliger is. Wat wil je nog meer?

Jongens en meisjes, wakker worden! Je rijdt helemaal niet snel als je 35 km/h doet. Zonder topsporter te zijn hoef je je niet eens absurd uit te sloven om 45 km/h te fietsen. Zonder ondersteuning! Je hoeft niet te stoppen je fiets als forensvoertuig te gebruiken als het kouder is dan 10 graad Celcius. Jongens en meiskes, jullie begrijpen niet welke enorme potentie de fiets nog biedt buiten het archaïsche model dat jullie nu onder jullie in lycra gehulde derrières hebben.
Soms zou ik dit uit willen schreeuwen als ik weer eens een groepje renners met 10 km/h snelheidsverschil of meer inhaal.

Ik vrees dat ze mij nu maar een irritante valsspeler vinden, een uitslover die ongetwijfeld een elektromotor ingebouwd heeft.

woensdag 6 april 2016

Geluk

Soms dan fiets ik en opeens
dan bemerk ik dat
ik zachtjes zing.

Ruisende wind, benen vol met bloed
M'n hart dat klopt

Dat is alles wat ik wil,
fietsen met de wind.

When I'm sad,
she comes to me

With a thousand smiles
she gives to me free
It's alright, she said
it's alright

Take anything you want from me

Anything
Anything

Fietsen met de wind

donderdag 31 maart 2016

Snelheid moderne Quest & de Quattrovelo

Gistermiddag reed ik voor het eerst met de 'nieuwe' Quest #752 naar mijn werk in Den Haag. Op de heenweg moest ik nog flink de weg zoeken (vooral rondom Gouda en in Den Haag) en deed ik 2 uur en ~20 minuten over de 73 km. Er stond daarbij een vrij krachtige tegenwind. Op de terugweg, de wind wat gedraaid dus niet pal van achter, ging het flink rapper dan ik voor mogelijk had gehouden.

Ik vertrok om 17:55 uit hartje Den Haag (nabij Centraal Station) en was exact om 19:55 weer thuis in Houten. Een gemiddelde dus van 36,5 km/h met daarbij ook het fietsen door de stad, stoplichten etc. Ik vind het zelf onvoorstelbaar snel. Zo'n zeven jaar geleden forensde ik af en toe 53 km met Quest #284 naar Amsterdam Zuid. Mijn record op die afstand was toen 1 uur 25 minuten ofwel een gemiddelde van 37,4 km/h. Op die kortere route kwam ik echter maar een stoplicht of drie tegen.

Mijn subjectieve indruk is dus dat de moderne Quest merkbaar sneller is dan de oudere Quests.

Snelheid is natuurlijk altijd mooi maar de vraag is wat je er mee kan. Vooral tussen Gouda en Nieuwegein (N288) fietste ik vaak op het randje van wat de infrastructuur mogelijk maakt. Vooral slingers in het fietspad nam ik telkens toch met enige vrees dat de volgende bocht toch te krap zou zijn om zonder omgaan te nemen. Een betere Quest is daarom denk ik niet meer perse een snellere Quest. Naast het wegcomfort waar ik eerder over blogde zou vooral een betere bochtenstabiliteit de fiets beter maken.

De DF schijnt (ik heb er nog niet in gereden) een flink betere bochtenstabiliteit te hebben maar dat gaat ten koste van de bodemvrijheid en het comfort. Dat is een ruil die ik bijvoorkeur niet zou maken. De Quattrovelo biedt (naar het schijnt, ook hier heb ik nog niet in gereden) een betere bochtenstabiliteit en meer comfort, waarschijnlijk ten koste van een beetje snelheid. Gevoelsmatig zou ik geen snelheid willen inleveren maar rationeel beschouwd klinkt dit als de beste aanpak voor een betere forens-velomobiel.

zaterdag 26 maart 2016

Shredda naar de shredder - Durano terug

Een Shredda in de shredder? Nee, ik ben mijn geloof in het comfort en de snelheid van bredere banden niet verloren, maar één van de Shredda's die ik pas een paar honderd km terug opgelegd had kan wel door naar de shredder. Tijdelijk weer de vorige banden omgedaan, de Durano Plussen, die er op zaten toen ik de fiets kocht.

Wat is er gebeurd? Sind ik de fiets heb 'dendert' 'ie een beetje als een trein. Op glad asfalt was het te merken, 'kendeng, kedeng, kedeng.' Linksvoor zag ik een beetje hoogteslag maar het leek me sterk dat dat zo'n merkbaar effect zou kunnen hebben. Toen ik recent de smalle Durano's verving door de Shredda's was ik verbaasd wat een brede en dikke binnenband er tevoorschijn kwam. Op één van de banden meende ik aan sporen op de binnenband te zien dat de band dubbel had gezeten. Ik dacht de band netjes in de flink ruimere Shredda's gelegd te hebben maar de fiets bleef toch 'kedeng, kedeng, kedeng' doen.

Gisteren werd het eigenlijk meer 'KEDENG, KEDENG, KEDENG' dus vanochtend bekeek ik de wielen nog eens goed. Linksvoor bleek een flinke bochel in de Shredda te zitten. Ik dacht eerst aan een fabricagefout. In de binnenzijde van de band zat midden in de lengterichting een oneffenheid van een centimeter of 10 lang, alsof het onderliggende canvas daar gescheurd was.
Om toch te kunnen fietsen besloot ik de Durano's weer terug te plaatsten. Toen ontdekte ik dat de binnenbanden niet zonder origami-kunsten in smalle Durano's pasten. Er begon een lichtje te branden. Ik pakte een Shredda en deed daar de binnenband in, net zo opgepompt dat 'ie gevuld is maar niet echt onder spanning staat. De binnenband paste alleen als een worst met veel insnoeringen in de Shredda. Dat leek me niet goed. De binnenband had dus ook in de Shredda niet goed omgelegen en daardoor deze buitenband vernield.

In de Durano's dus maar andere binnenbanden gedaan (de te grote banden waren Vredestein Juniors), standaard Schwalbe 6V banden. Dit paste wel goed. Het kedeng-kedeng tijdens het fietsen is nu voorbij. Ik miste wel meteen weer het comfort van de Shredda's maar de bestelling van een nieuwe band is al geplaatst.

zondag 20 maart 2016

Op de school voor velomobielontwerpers

Op de eerste dag op de Hogeschool voor Velomobielontwerp krijgen de studenten meteen de belangrijkste les: Het ontwerp van een velomobiel is altijd een compromis. Op basis van de gebruikerswensen moet er bij ontwerp van de fiets een afweging gemaakt worden tussen tegenstrijdige en in essentie subjectieve eisen, zoals snelheid, comfort, bagagecapaciteit, gewicht, degelijkheid etcetera. Hoewel de ideale velomobiel dus niet kan bestaan, zal een goede velomobielontwerper desondanks altijd naar de ideale oplossing blijven streven.

Geef het ze maar eens te doen, die aspirantvelomobielontwerpers. Hoewel die ideale velomobiel inderdaad niet kan, bestaan is het werk van de velomobielontwerper de laatste jaren wel een stuk makkelijker geworden. Voor menig velomobilist zijn de belangrijkste criteria waar de fiets aan moet voldoen snelheid en comfort. Vroeger moest je om snel te kunnen rijden smalle en keiharde bandjes gemonteerd hebben. Uiterst oncomfortabel. Wilde je comfort dan legde je een slof om die je minder hard oppompte. Dat was vroeger!
Tegenwoordig voorzie je je fiets van een brede band met relatief lage druk en je hebt zowaar comfort én snelheid. Denk bijvoorbeeld aan voorbanden als de Shredda (van 40mm of meer), de F-Lite of als achterband aan de 55mm brede Marathon Almotion.

Als je nu een velomobiel ontwerpt dan zal je voor de meeste gebruikers dus een fiets ontwerpen waar dit soort banden onder passen. Logisch dus dat bijvoorbeeld het ontwerp van de Quattrovelo van Velomobiel een laatste tuning krijgt om ook goed met moderne brede banden te kunnen rijden. Zelfs Daniël Fenn ontwerpt nu fietsen waar 50mm brede banden op gemonteerd kunnen worden.

Leve de vooruitgang! Ik ben benieuwd welke tegenstrijdige ontwerpcriteria straks nog meer toch ook best verenigbaar blijken te zijn.

PS: Vandaag met voor Shredda's en achter een Marathon Almotion 121 km gefietst met een gemiddelde snelheid van 37,5 km/h.

zondag 13 maart 2016

Een betere Quest

Na een aantal jaren zonder velomobiel heb ik nu weer zo'n 1000 km in de benen met de Quest die ik overnam van Marcel Beekmans (#752). Een mooie gelegenheid om mijn ervaringen samen te vatten en te delen.

Ik ben blij dat ik weer een velomobiel heb. De vorige (#284) kocht ik meer dan de huidige met het idee een soort van autootje te hebben waarmee ik naar het werk zou kunnen rijden (één keer per week 53 km en weer terug). Dat beviel, maar toen ik een nieuwe baan kreeg werd de forensroute te lang (73km) en vooral te lastig (Houten - Den Haag). In een levensfase met jonge kinderen zag ik veel en ver toeren met de Quest niet zitten.
De nieuwe Quest kocht ik juist met het idee om met enige regelmaat een sportieve tocht te kunnen maken, zonder sterk afhankelijk te zijn van weer en seizoen. Voor dat gebruik is de Quest een fijn voertuig.

Tijdens het fietsen in de Quest probeer ik een balans te vinden tussen aandacht voor mijn omgeving (natuur en verkeer), voor mijn lijf én voor de fiets.

Wat betreft de aandacht voor mijn omgeving is het met een Quest bovenal genieten dat je zo'n enorme actieradius krijgt en daarmee veel van de wereld ziet. Afstanden die ik met mijn snelle tweewieler ver vond doe ik nu met groot gemak. Dat heeft behalve met de snelheid van de Quest ook zeker met het comfort te maken. Ik heb de indruk dat het ontspannend werkt om niet voortdurend een fiets in evenwicht te moeten houden. Het uit de wind zitten in de stroomlijn van de Quest is ook uiterst aangenaam. Ik moet wel leren meer te anticiperen op het andere verkeer, met name op de zo veel tragere fietsers. Zo haalde ik vandaag een peloton racefietsers in dat niet verwacht had dat een andere fiets hen met een flink snelheidsverschil in zou komen halen. Hoewel ik de inhaalmanoeuvre begon door te bellen kon ik enkel door flink remmen ternauwernood voorkomen dat de breed afzakkende kopman onzacht met de Quest kennismaakte.

Het gewicht van de Quest houdt zeker voor een beginnende of herintredende velomobilist het risico in dat vooral bij optrekken knieën te zwaar belast worden. Naast aandacht voor met voldoende hoge frequentie 'rond' te trappen - wat er toe leidt dat ik de pedalen niet alleen van me af duw maar afwisselend ook naar me toe trek - ben ik herhaaldelijk bezig geweest om de juiste afstand tussen zitje en trapas te vinden. Zeker toen ik de fiets net had waren mijn vingers bijna voortdurend zwart van het kettingsmeer omdat ik door verschuiven van de trapas de ketting dan weer eens langer en dan weer eens korter moest maken. Ik ben dus alert voor overbelasting maar geniet er ook van fysieke grenzen op te zoeken en mijn lijf flink te laten werken.

Als mijn aandacht bij de fiets is ,let ik op hoe de fiets loopt, het geluid, de bewegingen en of alles goed functioneert. Zeker in het begin moet je je de geluiden, bewegingen en gedragingen van de fiets echt eigen maken. Waar ik me aanvankelijk het meest stoorde was dat op slecht wegdek de fiets veel herrie maakt, minder hard wil en ook minder goed te controleren is. Bij een betere velomobiel zou ik vooral daar op willen inzetten. Ondertussen heb ik echter de Durano+ banden vervangen door de bredere Shredda's en is dit veel minder een punt. Toch zou ik verdere verbetering vooral nog op het vlak van de wegligging zoeken. Toen ik vandaag met hoge snelheid van perfect asfalt op slecht asfalt kwam leek het ineens op fietsen op een wasbord met zeep. Gelukkig hield ik voldoende controle maar ik kan me voorstellen dat met betere dempers / schokbrekers, of misschien wel met vier wielen, dit gedrag te voorkomen is. Wat betreft de dempers: als ik veel kracht overbreng dan gaat de fiets naar mijn zin wat veel schudden. Stuggere vering zou dat verhinderen maar heeft in praktijk vast niet alleen voordelen.
Tot slot ben ik in snelle bochten altijd een beetje bang voor omgaan. Zonder die nu zo functionele vrees zou het fietsen nog meer genieten zijn.

woensdag 17 februari 2016

In cadans

Ik fietste 's ochtends op de dijk tussen Amerongen en Wijk bij Duurstede.

De temperatuur nog onder nul, de uiterwaarden wit berijpt. De winterzon, laag in het zuidoosten, doet haar best de wereld te verlichten.

Sinds een paar weken heb ik weer een velomobiel, en begin de voor het fietsen vereiste balans te hervinden. Ik trap hard, maar niet te hard, in vaste cadans. Het lijf geniet er van flink te moeten werken.

De fiets en ik dansen over de weg, met de dijk mee slingerend tussen de weilanden, in de zon.

Een auto komt ons tegemoet. M'n eerste reactie "Wow, een Maserati!". Dan voel ik weer het gestage werken van mijn warme lijf, de cadans van mijn benen, de frisse rijwind langs m'n gezicht en besef dat op dit moment niemand meer te benijden is dan ik in mijn fiets.